Wetenschappelijke naam Lymnea stagnalis Regio van oorsprong
Europa (inheemse soort)
Volwassen afmeting
max 7 cm
Identificatie (wildvorm)
Een vrij grote zoetwaterslak zonder 'dekseltje' (operculum) op de
achterkant van het lichaam. De in een punt uitlopende vorm van het
huisje is karakteristiek.
Overeenkomstige soorten in Europa
In Nederland komt een heel aantal overeenkomstige soorten voor, die
zijn echter kleiner en het huisje is vaak minder langgerekt.
Overeenkomstige soorten in de handel
Een aantal andere soorten poelslakken en op poelslakken lijkende
soorten komt regelmatig 'gratis' mee met waterplanten. Zie bij blaashoornslak.
Voedsel
Algen die van waterplanten en van de wand van vijvers worden afgeschraapt. Ook droogvoer voor vissen wordt gegeten.
Ademhaling
Een longslak die een luchtbel meeneemt in het voortste deel van de
schelp. Ze komen regelmatig naar het wateroppervlak om deze luchtbel te
verversen.
Voortplanting
Poelslakken leggen eieren. Het zijn tweeslachtige dieren (alle
exemplaren zijn zowel mannelijk als vrouwelijk). Paringen vinden
regelmatig plaats, waarbij een van de dieren de andere bevrucht. Ze
zijn ook in staat zichzelf de bevruchten.
Zichtbaarheid in vijvers
Doordat ze zich veel bij het wateroppervlak bevinden zijn ze goed zichtbaar.
Geschiktheid voor vijvers
Poelslakken leven van nature in stilstaand of langzaam stromend water
met een dichte plantengroei. Dit maakt ze goed geschikt voor vijvers,
zolang er maar geen slakkenetende vissen in zitten. Steuren en grotere
karpers eten slakken.
Minimumaantal
Poelslakken leven solitair daarom kan ook een enkel exemplaar worden gehouden.